CD&V

Subscribe by RSS

 

Hoe hou je jongens bij de les?

December 12 2011, 7:12am

In de negentiende eeuw was hoger onderwijs niet weggelegd voor meisjes, en pas toen de traditionele rolpatronen in de jaren zestig in vraag gesteld werden, kwam daar verandering in. Tegen het eind van de jaren negentig sloeg de balans om en telden de universiteiten meer meisjes dan jongens onder hun studenten. Hun overwicht blijft echter toenemen: bij de diploma’s uit het Vlaamse hoger onderwijs is er al een verhouding 55/45 in het voordeel van de vrouwelijke studenten. Als achtergrond bij zijn schriftelijke vraag daarover had Vlaams parlementslid Jos De Meyer nog enkele andere opmerkelijke gegevens aangestipt die erop wijzen dat jongens het tegenwoordig minder goed doen dan meisjes op school, en dat de verschillen vooral duidelijk worden tijdens het secundair onderwijs.

In de negentiende eeuw was hoger onderwijs niet weggelegd voor meisjes, en pas toen de traditionele rolpatronen in de jaren zestig in vraag gesteld werden, kwam daar verandering in. Tegen het eind van de jaren negentig sloeg de balans om en telden de universiteiten meer meisjes dan jongens onder hun studenten. Hun overwicht blijft echter toenemen: bij de diploma’s uit het Vlaamse hoger onderwijs is er al een verhouding 55/45 in het voordeel van de vrouwelijke studenten. Als achtergrond bij zijn schriftelijke vraag daarover had Vlaams parlementslid Jos De Meyer nog enkele andere opmerkelijke gegevens aangestipt die erop wijzen dat jongens het tegenwoordig minder goed doen dan meisjes op school, en dat de verschillen vooral duidelijk worden tijdens het secundair onderwijs.Na het lager onderwijs heeft 15% van de jongens al één jaar schoolse achterstand, tegenover 14% van de meisjes, maar na het secundair onderwijs is die verhouding verder scheefgetrokken tot 41% van de mannelijke en 29% van de vrouwelijke leerlingen. 7,7% van de meisjes verlaat de secundaire school zonder diploma of getuigschrift, tegenover 11,4% van de jongens. Hoewel er per leeftijdscategorie ongeveer evenveel jongens als meisjes zijn, vind je in het buitengewoon onderwijs 2/3 jongens tegenover 1/3 meisjes. Dat verklaart minister Smet doordat jongens “gevoeliger” zijn voor leerstoornissen, problemen en aandoeningen als ADHD of autisme. Jongens zouden volgens de minister ook “hoger mikken” in het secundair onderwijs, en daardoor meer kans lopen op zittenblijven. Dat het deeltijds beroepsonderwijs 2/3 jongens telt tegenover 1/3 meisjes verklaart de minister doordat die opleidingen meer zouden aansluiten bij de klassieke interesses van jongens dan bij die van meisjes.Toch is er hoe dan ook sprake van een kwalijke trend, waarin jongens blijkbaar in toenemende mate schoolse problemen kennen. De minister hoopt dat de vernieuwing van het secundair onderwijs daar een oplossing voor zal bieden, De Meyer denkt dat men zich bovendien moet afvragen hoe de “lagere schoolgerichtheid” van de jongenscultuur omgebogen kan worden, dat we met andere woorden wel iets moeten doen om jongens “bij de les” te houden. 

                Jos De Meyer